| |
Station Akkrum. Waar?? Akkrum, dat ligt ergens bij die meren in Friesland en ze hebben er dus een station.
“Kom jij ook voor de Spring?”.
“Ik dacht het al te zien aan je slaapzak en alles wat je bij je hebt, maar we moesten hier toch wachten op een Rood Busje?”.
Nergens te bekennen natuurlijk. Staan we eigenlijk wel goed hier, Akkrum heeft toch vast niet meer dan 1 station? Met een klein groepje lopen we naar een tractor met een platte aanhanger om het te vragen, wat een boeren hier! En die smoezelige grijze trui die die man aan heeft, alsof ie er al weken in loopt! Hij begroet ons wel vriendelijk…SHIT, we moeten met hem mee op die tractor! Wat een vreemde bedoening hier…
Uiteindelijk beland je dan ergens bij een boot. Ziet er goed uit hoor, maar zo achteraf! Beetje eng allemaal. Verder is er ook nog helemaal niemand, alleen een uitbundige jonge vrouw; heeeeeeey lieverds, welkom op “De Spring”. Lieverd?? Ik ken je nauwelijks! Gelukkig word het drukker. Wat onwennig kom ik in contact met een aantal mensen die hier al eens eerder zijn geweest. Ook zij doen allemaal zo lief en knuffelig. Waar ben ik terecht gekomen?
Na een voorstelronde waarbij we iedereen gezien hebben, begint er een feestje. Een wat?? Feestje! Met alcohol, leuke gesprekken, gezellige muziek, bier en tieten en nog veel meer. Maar kwam ik niet om te leren hoe ik als vrijwilliger de zomer door ga komen met onze gasten? Zoveel ervaring heb ik immers nog niet…
Ok, de volgende ochtend veel te vroeg op. Wel een nuttige dag, met brandoefening en wat EHBO. Nu heb ik het gevoel dat ik wat leer! En dan…maar weer naar de kroeg, schijnt erg prominent in het programma aanwezig te zijn tijdens de echte vakantie week. Nu moet ik leren hoe ik een kroeg in kan?? Ik begrijp het niet meer hoor. Na een paar biertjes komt er een grote pan kaas-soep op tafel. Een pan wat?? Schijnt plaatselijk beroemd te zijn; beetje smeerkaas, beetje water, wat chilisaus en je hebt een wereld-beroemd-in-Akkrum-gerecht!
’s Avonds maar weer een feestje, en natuurlijk kan een mini-playbackshow niet ontbreken. De laatste keer dat ik daar aan mee deed was zo’n 15 jaar geleden, maar alles komt uit de kast op de Spring, dus ook tijdens een playbackshow laten we wat vernieuwends zien. Bier en tieten weer in overvloed, al springend en hossend testen we de Janszoon voor het komende seizoen. Het moet maar…
De volgende ochtend staat iedereen brak op uit een bed, snel ontbijtje, en voor ik het doorheb zit ik alweer in een auto naar huis, met twee van mijn nieuwe Spring-bekenden. Hoe zal ik een Spring-week gaan overleven? Vond ik het leuk? Wat ging ’t eigenlijk snel dit weekend…
Inmiddels ben ik 2 sprongen verder, en begrijp ik wat het doel was van deze uitputtingsslag;
- De rode busjes rijden alleen als ze daar zelf zin in hebben, dus het is goed om voorbereid te zijn op alternatief vervoer,
- De grijze trui: altijd vies, maar zonder hoor je er niet bij,
- Het is maar goed dat de boot achteraf ligt, anders gaat de gehele haven Gillend naar Huis,
- De liefde en hartelijkheid op de Spring maakt dat je nooit meer naar huis wilt, je meteen op je gemak voelt en vooral dat je heel graag terug wilt komen!
- Je moet feestjes kunnen maken, lang doorgaan, weinig slapen, en vooral ALTIJD BLIJVEN LACHEN,
- Elke dag gaat te snel op de Spring, kunnen we het seizoen niet uitbreiden naar 52 weken per jaar??? Gelukkig is het bijna weer April!!
Eva

Vrienden om mij heen zijn druk bezig met het bepalen van hun vakantiebestemming. Wordt het een camping of hotel, vliegen of auto, lui aan het strand of actief? De boekingsperiode is weer begonnen, maar ik doe er niet aan mee. Deze zomer ga ik naar de hemel. Vorig jaar ben ik er ook geweest.
Het ligt zomaar in Friesland tussen koeien, weilanden en zeilboten. Als je niet weet waar je op letten moet, loop je er gewoon voorbij zonder het te zien. In de hemel zijn alle vooroordelen, alle vormen van discriminatie en hokjesgeest gewoon voelbaar. Het verschil zit hem in wat de mensen er mee doen.
Op het vakantiecentrum dat voor mij de hemel op aarde is, lopen veertien mensen met een verstandelijke beperking rond. Met drie andere vrijwilligers ben ik de hele dag in touw om iedereen van boterhammen, pakjes drinken en snoep te voorzien. Met een boot varen we over de Friese meren. Een gast krijgt een vlaag van heimwee, maar bij het zingen van één van de Frans Bauer-psalmen is dat gauw genoeg over. Hier heeft iedereen wel “even” voor je. Zorgen verdwijnen als sneeuw voor de zon, als de aandacht er even van weggetrokken wordt. Elke dag is weer een verrassing!
’s Avonds stop ik één van de gasten in bed. Bezorgd krijg ik de vraag waarom ik geen vriendin heb en nog bezorgder: “Je bent toch geen homo!?” “Getverderie, wordt nou’s slim joh!” “Je moet eens nadenken, daar krijg je aids van.” Meteen krijg ik een dikke knuffel, omdat…omdat,…Gewoon voor niks, zomaar, daarom. Het maakt ineens geen flikker meer uit wát ik ben, wie ik ben des te meer. Vol trots laat hij me een foto zien van zijn vriendin. Stapel verliefd is hij op haar. Een gunnende twinkeling in zijn ogen verraadt hoeveel hij me van zijn plezier in zijn vriendin gunt.
Ja, hij is slim! En ik moet zeggen, ik vraag me inderdaad af wie er verstandelijk beperkt is. Dwars door alles heen, doorgrondt hij de kern van het leven in een hemel. Putjeschepper of koningin, rijk of arm, homo of hetero, het zal hem een biet wezen. Wat maakt het verschil ook weer?
Ik noem het maar onbevangenheid.
Dirk Jan

Op mijn werk vraagt m’n collega die de planning maakt of ik z.s.m. door wil geven wanneer ik op vakantie wil. Ik geef hem 2 weken in oktober door en zeg erbij dat ik ook in het seizoen nog ergens een week nodig heb, maar dat ik nog niet weet welke. De verbaasde blik in zijn ogen zegt me dat ik hem wat uit moet leggen. Ik vertel hem dat ik vrijwilliger ben bij de Spring en omdat hij toch achter zijn pc zit roep ik: “www.despring.nl”. Daarna loop ik verder. Na een minuut of 5 komt ‘ie naar me toe en zegt dat hij het begrijpt. Een paar dagen later komt hij erop terug en vraagt me wat er nou zo leuk aan is. “En is dat niet ontzettend vermoeiend om 24 uur per dag met zo’n groep zwakzinnigen in de weer te zijn?“ “Tuurlijk wel” leg ik hem uit, “maar je krijgt er ook ontzettend veel voor terug!” Met enig onbegrip kijkt hij me aan en vraagt: “Ja, maar wat dan?” Tja…. Hoe moet je dat nou uitleggen? Zoekend naar een voorbeeld herinner ik me een ochtend halverwege een Springweek.
Het is iets na 07.00 uur als ik wakker wordt van geluiden die vanuit de huiskamer van de Janszoon doordringen in de slaapvertrekken van de leiding. Hmmmm… Een enigszins duf gevoel in m’n hoofd herinnert me eraan hoe ik gierend van het lachen toch nog even bleef hangen in de stuurhut. Dat was ongeveer 3 uur geleden. Blijkbaar heeft daarna de geest uit de bekende groene fles zich in mijn bovenkamer genesteld, en die lijkt voorlopig nog niet van plan te zijn om daar weg te gaan... In de wetenschap dat ik mezelf voor de gek houd besluit ik om vanavond maar eens op tijd te gaan slapen, en vooral niet “3!” te roepen als degene die naast mij zit net “2” heeft gezegd. Dan maakt het scherpe zonlicht dat door het kleine patrijspoortje op m’n gezicht schijnt een einde aan deze zinloze overpeinzingen, en brengt me tot het besef dat het alweer dag is.
Hoewel m’n hele lichaam tegenstribbelt en schreeuwt om “slapies doen” hang ik toch m’n benen over de rand van het bed. Yep, het is mijn beurt vandaag… Met moeite weet ik een slonzige trainingsbroek aan te trekken, en bovenop m’n tas ligt een grijze vlekkerige substantie, die aan het begin van deze week nog door kon gaan als trui. Zonder me ook maar een moment druk te maken over de lucht die er vanaf komt trek ik het ding over m’n hoofd, en stap op de krakende vloer, om vervolgens m’n suffe hoofd te stoten aan het plafond boven het trappetje naar de stuurhut. Alweer auw…
Eenmaal boven sta ik even verdwaasd bij te komen van de klap. Terwijl ik over het water sta te staren schieten er flarden goedkoop entertainment door m’n gedachten. “Ik heb er geen kracht meer voor, met gierende banden terug naar huis… “ Langzaam kom ik weer bij zinnen en ik hoor beneden dat het merendeel van de groep al op is… “Kan ik niets aan doen hoor!” hoor ik Cees geïrriteerd kraaien. Een stem die ik op dat moment niet thuis kan brengen hoor ik zeggen dat ze “het” tegen de leiding gaat zeggen, en heel zachtjes op de achtergrond hoor ik troostend zeggen dat het niet erg is om te huilen. Ik haal diep adem en bereid me voor op het ergste.
Uit de geluiden maak ik op dat ik weldra geconfronteerd zal worden met het feit dat iemand in zijn broek geplast heeft, met een beetje pech ook in bed… Verder lijkt er een conflict te zijn dat door de leiding opgelost moet gaan worden en heeft er ook nog iemand last van, vermoedelijk, heimwee… De scheiding tussen de rust van staren over het water en het Afghanistan van menselijke emoties is slechts een houten plaat die over het trapgat ligt. Zodra ik die omhoog klap is het gedaan met de rust. “Eerst koffie en een peuk…” denk ik bij mezelf. Een blik richting het fornuis leert dat er nog geen koffie is, en m’n aansteker zit nog in de spijkerbroek van gisteravond. Dan maar zonder…
Met liefde en plezier verzamel ik al mijn moed bij elkaar en terwijl ik het luik omhoog til hoor ik dat mijn komst al opgemerkt wordt. “Zie je wel, daar komt ‘ie!” Hoor ik fluisterend door het gat naar boven komen. Meteen wordt het muisstil beneden….. Enigszins verbaasd daarover sleep ik mezelf verder de trap af. Zodra m’n gezicht om de hoek komt roept er één: “Jááááá, daar is ’t ie!!!!” Meteen gevolgd door een daverend applaus van de hele meute….
Ik voel een enigszins onwennige lach van oor tot oor op mijn gezicht komen en de geest uit de fles overlijdt ter plekke. Terwijl ik verder van de trap af de huiskamer in stap voel ik kippenvel opkomen door deze spontane ovatie. Veel tijd om daar bij stil te staan is er niet, want zodra ik een voet in de huiskamer zet wordt ik achterover de bank in getrokken. Een moment later kom ik weer bij van de knuffel en veeg ik met de mouw van mijn trui wat restanten van een snotneus uit m’n nek. Meteen komt een van de gasten glunderend met een bak koffie aanlopen en zegt vol trots: ”We wisten niet of het mocht maar we hebben zelf al koffie gezet. Dat kun je vast wel gebruiken, er zit al suiker in!” Dan is verder niets meer belangrijk…
Maar hoe leg je dat nou uit?
Patrick

Op een warme dag, laat in de zomer van 2001 ontmoette ik Ton. Deze man was en is nog steeds een graag geziene gast op de Janszoon. Naast zijn vishengel bracht Ton zijn shag (bedoeld voor zijn unieke sigarettendraaimethode), schrijfspullen, steradent, een extra chromosoom 21 en zijn mobiele telefoon met daarop een foto prijkend van zijn vriendin mee op vakantie. Ik daarentegen bracht mijn fiets, tandenborstel en bikini mee. En op mijn mobiele telefoon was geen afbeelding van een geliefde te zien. Maar als het aan Ton lag, zou daar snel verandering in komen.
Die week werd hij 45 jaar. Hij kreeg van ons een gigantische zak bierdoppen en een optreden van de Spring-girls. Ton was onze eerste fan. Ja, een behoorlijk fanatieke fan. In de Springkrantjes werden de ogen van de mensen weggekrast die niet enigszins op mij leken. Ik alleen mocht Ton instoppen en zijn ogen druppelen. Ton was verliefd en de foto van zijn vriendin verdween van het mobieltje. Op de Springreunie zong Ton op het podium van de Billabong in Nijmegen een lied voor mij. Er kwam ik hou van jou in voor en de vriendin van Ton zong en deinde lekker mee.
Wat we toen nog niet wisten was dat Ton in 2002 weer met mij op vakantie zou gaan. Het werd een hele gezellige visweek waarin Ton alleen meeging als ik ook meeging, meedeed als ik ook meedeed en huilde als ik dat niet deed. In 2003 zou ik niet weer bij Ton in de week zitten. Toch is Ton sinds dat jaar niet meer uit mijn gedachten verdwenen. Hij was dat jaar al bij de Spring op vakantie geweest in een week voor de mijne en had een zwaar pakket achtergelaten.
Op een plaat leisteen had Ton een schilderij gemaakt van een bootje. In de boot zat Ton met zijn vishengel. Hij had twee dolfijnen uit een servetje geknipt en in het water onder de boot geplakt. Op de boot stond in grote letters: MURKA. Het duurde even voor ik ‘m doorhad. Uit het schilderij sprak zijn liefde voor het vissen, het water, de boot, de dolfijnen, Akkrum, de Spring, schilderen en de vakanties! Het schilderij staat hier in huis en ik zie het dus elke dag. Eigenlijk sloeg bij mij op het moment dat ik het schilderij uitpakte pas de vonk over.
En Ton kreeg uiteindelijk ook nog gelijk wat betreft de liefde. In de week dat ik Ton ontmoette, zag ik niet alleen hem voor het eerst, maar ook Maarten, waarvan nu nog steeds een foto op mijn gsm geplakt zit.
Kirsten

Groot nieuws!!! Er is iets heel belangrijks gebeurd: de nieuwe editie van de dikke Van Dale ligt in de winkels!
Waar ik het ’t over heb?
Nou, in het dikste woordenboek van de Nederlandse taal zijn ruim 9000 nieuwe woorden toegevoegd. Die nieuwe woorden komen in de Van Dale als veel mensen ze gebruiken. Je moet bijvoorbeeld denken aan nieuwe woorden als: bomvest, knuffelallochtoon, harrypotterbril, flashgeheugen, beltoon, arafatsjaal en springtrui. Nu kan ik me bij de woorden harrypotterbril of arafatsjaal nog wel iets voorstellen. Maar dat woord springtrui, weet jij wat dat is?
Dat wist ik dus ook niet. Daarom heb ik dat gloednieuwe woordenboek maar meteen aangeschaft en dit heb ik gevonden:
Springtrui (de ~, ~en)
1 veelal grijs kledingstuk met capuchon voor het boven.
Dit textiel dient te worden gebruikt voor de bedekking van het bovenlichaam, alsmede voor het met trots uitdragen dat men vrijwilliger is bij Vakantiecentrum De Spring. Vrijwilligers van De Spring krijgen dit kledingstuk om zichzelf warm te kunnen houden, gedurende begeleidingsklussen in barre weersomstandigheden.
Tevens heeft de Springtrui de functie van eerbewijs, vergelijkbaar met een ridderorde of andere officiële decoratie. Het embleem van het Vakantiecentrum, op het kledingstuk gedrukt ter hoogte van de linkerborst, wordt met trots getoond in het dagelijkse burgerleven. Dit kledingstuk wordt door de gelukkige bezitters met veel liefde gekoesterd en gedragen.
Tja,... Leuk hoor, maar dat is natuurlijk wachten op gedonder! Jaloezie is namelijk een grote drijfveer voor criminaliteit en geweld…..Als er vanaf nu mensen worden overvallen en beroofd van hun trui, dan is dat dus de schuld van Van Dale!
Wilmer
|
|